ooit stierf ik een beetje sindsdien was ik bang maar toen m'n sterfdag kwam zat ik naast jou in de zon en hoopte dat alles nog maar begon
liefde
onze berichtjes navelstreng van letters
een beetje stierf
ik dacht de dag dat jij een beetje stierf vergeet ik niet een jaar later rolde ik samen met het koekjesdeeg de dag gewillig voor me uit en zag pas vandaag dat het gisteren was
ik dans
de lichten gedoofd de muziek luid zweet parelt op m'n huid ik dans en paradeer het publiek stuwt me over en weer ik schreeuw vanbinnen Say my name wat een fame mijn optreden met Florence en haar machine is net echt naast m'n aanrecht
dan zal ik misschien
ik draai je in m'n mond om en om en denk aan het verleden toen ik heb gemeden je uit te spreken zoals een oester haar parel koestert draai ik je in m'n mond om en om en denk aan morgen dan zal ik misschien en zo blijf jij in m'n stilte verborgen liefste zoetemien
warm en week
naar het schijnt mag je niet achterwaarts liken je mag niet te ver teruggaan in de tijd nochtans word ik warm en week als ik aan ons terugdenk vroeger in onze zotheid
zout en zoet
vorig jaar reisden we naar het Zuiden fier stapelde je ons hebben en houwen als doosjes gevouwen in de koffer van onze automaat nu zakken we ook af van boven naar beneden toch enkele treden en lepel je schoteltjes voor zout en zoet de kommetjes van ons gemoed netjes in de vaat
toch
als ik verweesd achterblijf voel ik me verlaten toch wiegt ze me in haar wilgenarmen troost ze me fluisterend met haar bladerdak kust ze m'n blik met haar plassen als gevallen tranen bemoedert ze me en voel ik me gedragen tot ik weer kan aarden
in ons eigen verhaal
we zijn mensen geworden die mekaar leren vergeven dat we soms in ons eigen verhaal niet meer weten waar we zijn gebleven
kartonnen doos
fragiel als een frangipane rondborstig als een boule licht als een éclair hoekig als een carré confiture passen wij vier al jaren in onze kartonnen doos
