wacht

terwijl ik wacht
tot het
weer bijtrekt
oefen ik
de bijtrekpas

een zee

kom, grasduin
met mij
dan hebben we
een zee van tijd

leed

hoe kan leed
stoppen
als het
ver-duren heet

huidzucht

zonder elkaar
raakte ik verslaafd
aan de herinnering
van voldaan gelaafd
aan het zout en de zon
in je halskuiltje
warm en gelaagd

nu het weer kan
speur ik vergeefs
naar het zilte pad
in je tuin
ik weet niet meer
hoe het moet
en doe me
laveloos tegoed
aan elke vezel
van m'n faalmoed

goed en wel

dat het
pijpenstelen giet
deert me niet
daar waar ik ben
is alles goed en wel
niemand hoeft
iets te veranderen
ik ben aan het woordwandelen