de zon tekent de eerste lijnen op m'n huid als op een landkaart wat deert me het uitgaansverbod ik ben het gebied
niet verloren
zolang ik elke dag opsta en m’n eyeliner opdoe ben ik niet verloren en loop ik binnen de lijnen
mijn kind
kom hier mijn kind dat ik je koffie en specutroost
aan de kant
als een sneeuwruimer bij dreigend stormweer rigoureus en onverwacht veeg ik alles aan de kant de koplampen uitsluitend gericht op de weg
hoog en droog
soms zit ik in m'n toren hoog en droog geen traan moet ik er laten en kijk neer op wat me allemaal zou kunnen raken hoewel naakt ben ik ongenaakbaar hé hé hier heb ik tenminste lucht ook al ben ik op de vlucht alleen jammer dat jij er zo van baalt m'n touwladder helemaal opgehaald maar zeg eens door de band hoe overleeft een eilandbewoner op het vasteland
vrij vast lief
storm of vorst ik heb een wintervast lief vallen of opstaan ik heb een houvast lief vrijen of niet ik heb een vrij vast lief
bij m’n naam
gisteren was ik anders dan ik ben vandaag anders dan ik zal zijn morgen noem me maar bij m'n naam maar blijf vooral niet stilstaan
bijdehand
klein nam ze me bij de hand en keek omhoog bijdehand zei ze me je ogen wenen en je neus ook
halleluja
soms ben ik het noorden kwijt maar als ik even stilsta voel ik ja, ik kom of nee, ik pas halleluja ik draag m'n eigen kompas
niet in Van Dale
zoals de top van een ijsberg verbergt groeikracht alle onderliggende pijn onzichtbaar is er eerst groeipijn maar dan langzaam groeit onze eigen pijnkracht onze eigen sterkte geput uit pijn om te worden wie we zijn
