warm en week

naar het schijnt
mag je niet
achterwaarts liken
je mag niet te ver
teruggaan in de tijd
nochtans word ik
warm en week
als ik aan ons terugdenk
vroeger in onze zotheid

kartonnen doos

fragiel
als een frangipane
rondborstig
als een boule
licht
als een éclair
hoekig
als een carré confiture
passen wij vier
al jaren
in onze kartonnen doos

nog even

als een mes
snijdt afscheid
ons samenzijn
doormidden
en scheidt
samen
af van
alleen
om de pijn
te verzachten
houden we mekaar
nog even vast
maar hoe moet dat
als zelfs dat
niet meer mag

omarmd

als jij me begrijpt
voelen mijn gedachten zich
omarmd

met me mee

kom, loop met me mee
meander
door m’n gedachten
zoals de luie Leie
langs haar bochten glijdt

kom, loop met me mee
luister
naar m’n woorden
zoals een stamelende stilte
luchtige witruimtes laat

kom, loop met me mee
ik wil jou
in mijn melopee

hecht verbonden

wanneer
is gehecht
zoals
met naald en draad
aan elkaar vastgemaakt
ook hecht
verbonden
vanbinnen en
vanbuiten
of zelfs
binnenstebuiten
zoals een bolletje
paar wollen sokken?

buiten

als het deksel
wordt opgelicht
de lading
ontdekt
en je je kan
uiten
buiten
de zwaarte
verlichten met lucht
als de druk
wordt gelicht
ben je opgelucht