opzij opzij opzij

ik heb tijd
zeg je
maar wat
als ik er plots niet meer ben
als m’n woorden verdwijnen
door Alzheimer of afasie
of als de planeet Melancholia
die vervaarlijk aan de horizon rijst
met de aarde botst
opzij opzij opzij
maak plaats maak plaats maak plaats
ik heb een ongelooflijke haast

Koningin Maria Hendrikaplein

als mieren
friemelen we
over het 
Koningin Maria Hendrikaplein
snijden elkaar
de pas af
kijken op
noch om
bedrijvig
door elkaar
gericht
op een hoger doel
voeden we elk
een grote gedachte 
ieder 
z’n koningin

soesje

tijd
moet ik nemen
om m’n zinnen
van alledag
helder
te formuleren
en als het niet lukt
me uit te drukken
zoals slagroom
uit een spuitzak
in een soesje
licht en luchtig
dan mijn snedige toon
temmen
die jou
de mond snoert
uit woede
me niet begrepen 
te voelen 
voor eeuwig en al-
 tijd

ga

ga
waar je heen wil
afstand is niets
als je bent
waar je zijn wil 
jouw geluk
is het mijne
mijn hart
stelt zich zo groot op
dat m’n maag
ineenkrimpt

wat onvolledig is

je complimenten
kan ik niet goed horen
nauwelijks toelaten
nochtans complementeren ze
wat onvolledig is
maken ze heel
wat half is
misschien als ik ze opschrijf
geloof ik ze wel

ikigai

ikigai
Japans voor
zin van bestaan
waarom je Hier bent
waarvoor je opstaat
elke dag
ikengij

Dirty dancing

geld
is geen probleem
zeg je
ik zal je onderhouden
zeg je
ik zal op je leunen
denk ik
voor je staan
m’n handen op je schouders
steunen
en jij zal me 
houden
onder 
m’n bekken
me liften
zoals vroeger
toen we 14 waren
en naar Dirty dancing keken

zacht

onze knieën
tegen elkaar
onder tafel
onze handen
in elkaar
achter de rug
je wijsvinger 
zacht 
over de muis 
van m’n duim
waar en wanneer
het maar kon
je was zo belangrijk
dat ik jarenlang
niets met je begon

ja, misschien

jij schrijft gedichten
zei ze
het zijn maar tekstjes
zei ik
dat zijn gedichten
zei ze
het zijn maar korte verhaaltjes
dat is kunst
zei ze
ja, misschien
en had ik de zee in me
dan rolde nu een golf
in m’n borstkas naar boven
tot aan de rand van m’n ogen

vandaag

samen op de dijk
arm in arm
je hebt witte haren
maar nog steeds een stevige tred
de zee
kalme getuige
heeft tijd
weids en uitgestrekt
wij hebben vandaag
en de tijd 
die ons rest